Heb je nu alweer een nieuw idee? Doe ff rustig joh!

Door Helga van der Hart

Ken je (of ben je 😉 ) iemand die het heerlijk vindt om te discussiëren met anderen, out of the box kan denken, veel nieuwe ideeën oppert, houdt van directe communicatie, een hekel heeft aan dingen afmaken en die associatief en toekomstgericht is?

Businessclub
Nou ik ben er niet zo eentje, maar laatst op de business club waren er heel veel van ‘dat soort’. Je kent ze wel, ‘van die types’ met veel handgebaren, druk discussiërend, ogen waar de energie uit knalt en vaak goed verzorgd, heerlijk om te zien. Zo herkende ik de directrice van een grafisch bureau en ook de directeur van een call center direct hierin. Oké, voordat ik verder ga, moet ik even iets bekennen. Van nature ben ik altijd een beetje bang voor dit soort mensen, ze hebben zo’n grote voorwaartse energie, veel nieuwe ideeën en drive, dat ik ze bijna niet kan bijhouden. Ik heb namelijk niet de tijd om even te levelen op gevoelsniveau (voor mij best essentieel). Voordat ik in gesprek ga, moet ik me echt even voorbereiden op hun snelheid van praten, op het brainstormen, de vele nieuwe ideeën en schakel ik mezelf een tandje bij. Als me dit lukt, dan vlieg ik lekker met ze mee.

Werkgever
Jaren geleden bij mijn werk op de bank hadden we een directeur met deze mooie set kwaliteiten. Broodnodig voor wat voorwaartse en positieve energie in moeilijke tijden. Had ik toen maar geweten wat ik nu weet… Want ik kon me best wel laten overbluffen door zijn directe manier van communiceren, zijn snelheid van denken en energie. Vandaar onderstaande tabel (een afgeleide van het kernkwadrant) met tips voor mensen die misschien ook wel een leidinggevende, een collega, een klant of  een partner of kind hebben die ze hierin herkennen. En zeker ook bedoeld voor mensen die zichzelf hierin herkennen. De eerste vier blokken van de tabel betreffen de glansrollen, dwaalsporen, balansbrengers en energievreters van deze groep. In de twee blokken daaronder kun je lezen wat deze groep prettig vindt als het gaat over samenwerken en wat ze lastig vinden.

NB: In Human Dynamics – termen herkent deze groep mensen zich in de emotioneel-mentale dynamiek, afgekort EM. Deze afkorting wordt gebruikt in de onderstaande tabel.

schermafbeelding-2016-11-28-om-15-10-35

 Zijn ‘ze’ dan perfect?

Is dan alles perfect, hoeft deze groep mensen zich dan niet te ontwikkelen, moeten wij ons altijd aanpassen hoor ik je bijna vragen? Nee, natuurlijk niet. Heb je je wel eens afgevraagd op welke manier deze groep mensen jou kan helpen? Hierbij een kleine greep; ze proberen graag iets voor je uit, met enkele argumenten zijn ze snel op stoom, met een out of the box-idee kunnen ze je een nieuwe invalshoek geven, ze zijn recht door zee en geven graag complimenten. Hierbij enkele TIPS voor mensen, die zich in bovenstaande tabel herkennen, t.a.v. hun eigen ontwikkeling:

  1. Luister wat vaker naar signalen van je lichaam, dat wordt nog wel eens vergeten
  2. Zet je out of the box – denken in bij moeilijke situaties, heel waardevol!
  3. Werk een goed idee eens uit (snel voordat je weer een nieuw idee hebt 😉
  4. Heb een beetje geduld, bedenk dat andere mensen soms bedenktijd en praattijd nodig hebben
  5. Kijk ook eens achterom wanneer je voorop loopt: is iedereen nog betrokken?

Zit niet zo te dromen

Door: Helga van der Hart

Ken je dat? Samen hetzelfde nieuws kijken, maar dat je niet hetzelfde hoort?

Nou ik wel… Een hele enkele keer belanden manlief en ik ‘s avonds op de bank om om 20.00 uur het nieuws te kijken (zoals mijn ouders dat vroeger ook deden ;-)). Na een paar nieuwsitems zegt Pascal: ‘ Dat is toch ook vreselijk ‘. Ik denk dan, ehhh, waar ging het item eigenlijk over, ik ben dan nog bezig met het verwerken van het eerste item, of mijn plannen van de volgende dag of….. je kan het zo gek niet bedenken. Terwijl ik daar toch echt zit om het nieuws te bekijken, ben ik als volwassen vrouw niet in staat om gedurende 15 minuten mijn aandacht vast te houden grrr (en nee, ik heb toch echt geen ADD of een andere stoornis :-)).

School
Ik moet dan vaak denken aan de vele leerlingen op school die tijdens de lessen moeten luisteren naar instructie (of erger nog naar een lezing) en bij wie het onvoldoende lukt om de aandacht vast te houden, je kent ze vast ook wel, of misschien herken je jezelf.

Zelf heb ik dit ook meegemaakt tijdens met name mijn middelbare school periode. Aardrijkskunde en Geschiedenis waren voor mij een ramp, 50 minuten lang naar verhalen luisteren (terwijl er allemaal mooie kunstwerken aan de muur hingen, bovendien riepen die verhalen weer andere verhalen op, afleiding ten top). Ik weet nog goed dat mijn lieve aardrijkskunde leraar regelmatig zei: “ Helga, dat is nu al de derde keer dat je naar de muur kijkt, zit niet zo te dromen “. Wat voelde ik me ongelukkig… Of die verdraaide luistertoetsen, dat dan de piep gaat en dat je denkt, oeps, geen idee wat er is gezegd (maar wel lekker veel bedacht)… Dit was duidelijk niet mijn manier van leren, in de lessen wiskunde, economie en handel deed ik het gelukkig veel beter, kon ik lekker aan de slag, alleen of in kleine groepen, heerlijk! Dit is ook 1 van de thema’s die wij met regelmaat mogen begeleiden op scholen, differentiëren binnen de les met als resultaat leerlingen optimaal te laten leren en hierdoor presteren.

Positieve keerzijde
Ben ik snel afgeleid? Ja dus, laten we het multifocus noemen. Brainstormen en associatief denken met een leuke groep mensen kan ik als een malle, van idee naar idee, heerlijk! (emotionele centrering)Daar houdt mijn man dan weer niet van. Eerst nadenken voordat je iets zegt, wat je zegt moet kloppen (mentale centrering).
Pffff… Ken je dan helemaal geen focus en rust, hoor ik je bijna denken? Jawel hoor, in vooral mijn werk en in gesprek met vrienden word ik hier zelfs op gewaardeerd, al zeg ik het zelf ;-).

Vanavond weer het nieuws kijken?
Kijken Pascal en ik vanavond weer samen naar het nieuws? Nee, ik dacht het niet. Ondanks onze verschillende manieren van denken en informatie verwerken, houden we allebei niet van de vele negatieve nieuwsitems (lange leve nu.nl). Hij omdat dit zijn diepere waarden raakt, laten we waarderend omgaan met elkaar en ik omdat ik van de nare beelden niet zo lekker kan slapen (en nee ik ben ook niet hoogsensitief). Vanavond ga ik dus gewoon als Helga (zonder etiketje), lekker tennissen met vriendinnen, heerlijk!

Human Dynamics: drie visies op vriendschap

Wat voor vriend(in) ben jij?

Door Mara Lammertzen

Als ik zeg: ‘vriendschap’, wat zie jij dan voor je?

  1. Een diepgaand gesprek met een of twee vriend(inn)en tot in de kleine uurtjes;
  2. Met een vriendengroep na de wedstrijd aan de bar, lachend en pratend over van alles en nog wat;
  3. In stilte met die ene goede vriend(in) van de natuur genietend door het bos wandelen;
  4. Iets anders?

Liever een vriend op de bank dan tien in de kroeg
Ik ben zelf –je raadt het al– van het type bankgesprek. Of we gaan wandelen, maar dan wórdt er wat afgeklept… Ik heb een klein aantal hele goede en een paar goede vriendinnen, allemaal verschillend, die ik het liefst een op een zie. Zie ik er meer dan twee tegelijk, en vooral bij mij thuis, dan kom ik niet aan een goed gesprek toe en weet ik aan het eind van de avond nog niet hoe het nou écht met ze gaat. Laat staan of ze het wel naar hun zin hebben gehad. Niet onbelangrijk. Ik ken een handvol mannen die zich hierin herkennen, hoewel ze het niet zo snel toe zullen geven. Want ja, dat is wel een beetje een vrouwending natuurlijk…. 😉  Voordeel: ik ken mijn vriendinnen goed. Nadeel: ik heb nooit genoeg tijd om ze zo regelmatig als ik zou willen, te zien.

Mijn lief heeft twee goede vrienden (al jáááren) die hij beiden zelden belt of spreekt, terwijl er een praktisch om de hoek woont. Maar ze zijn er altijd voor elkaar en ze vinden het leuk om een biertje te pakken of weer ‘ns te gaan dansen. Geocachen komt ook nog wel ’s voor. Maar wanneer hij in de put zit, zal hij geen contact opnemen. Contact onderhouden is ook niet zijn sterkste punt, vindt hij zelf, maar ach. Hij denkt er gewoon niet aan en lost problemen liever eerst zelf op, daarna ‘vertelt ‘ie het wel een keer’.

Mannen- en vrouwenvriendschappen
‘Ja, maar mannen en vrouwen gaan sowieso heel anders met vriendschap om.’ Toch? Vrouwen delen hun ziel en zaligheid in lange gesprekken. Wanneer er iets misgaat tussen vriendinnen kan het dagen, weken of zelfs jaren duren voor het ‘weer helemaal goed is’. Of het komt nooit meer goed: ze ontlopen elkaar steevast en in het ergste geval wordt er over en weer geroddeld bij het leven. Mannen lossen dat –zo lijkt het- veel simpeler op. Ruzie? Je geeft elkaar een kopstoot en daarna drink je met een blauw oog een lekker fris biertje.
En toch zullen er mannen zijn die kiezen voor de goede gesprekken met die ene fijne vriend, en vrouwen die wel houden van een (k)opstootje om het daarna weer bij te leggen zonder dat de vriendschap daaronder lijdt. Dus die mannen/vrouwenvlieger gaat niet op. Waar zit het ‘m dan in?

Drie visies op quality time
Jaja, daar komt ‘ie, dat zit ‘m in (onder andere) je persoonlijkheidsdynamiek. Oftewel: hoe je intern ‘bedraad’ bent: je natuurlijke focus en je specifiek eigen behoeftes in communicatie.
Want hoe ziet een echt goede vriendschap er eigenlijk uit? Bij hoeveel vrienden en hoeveel diepgang voel jij je goed? Wil je je vooral graag geliefd voelen als mens, je gevoel delen, lachen, elkaars leven bespreken? Of word je graag gewaardeerd om wat je voor en met je vrienden doet, in voor- en tegenspoed? Wat ook kan is dat je vriendschappen met meerdere mensen aan je voorbij laat gaan omdat je simpelweg weinig behoefte hebt aan zoveel samen doen, gevoelens delen of koetjes en kalfjes. Drie totaal verschillende visies op vriendschap, die er allemaal zijn. Interessant detail: vaak verwacht je van anderen dezelfde visie op vriendschap als de jouwe. Vind je die ene collega als je vraagt naar haar verjaardagsplannen misschien wel een vreemde vogel of een ongeleid projectiel. Gevolg is dat je vaak automatisch vrienden kiest waarmee het op jouw eigen behoefteniveau ‘klikt’. Ergo: die dezelfde centrering hebben.

Schermafbeelding 2016-05-11 om 15.29.31Sociaal-emotionele vaardigheden maken gelukkig?
Ik hoor van ouders wel eens hun zorg over (vooral het schijnbare gebrek aan) de vriendschappen van hun kinderen. ‘Hij heeft maar een vriend, en hoort er eigenlijk niet bij’. Of ‘Ze wordt buitengesloten omdat ze niet zo goed kan uiten wat ze voelt of wat ze wil’. Het zegt soms iets over het kind, maar meestal iets over de (eigen behoefte van) de ouder. Het doet me denken aan een onderzoek waaruit blijkt dat ‘de gelukkigste kinderen sociaal-emotioneel vaardige kinderen zijn. Ze worden vaker uitgenodigd op feestjes, worden graag gezien, en kunnen daardoor hun sociale vaardigheden steeds meer verfijnen. Kinderen die op sociaal-emotioneel gebied wat moeilijkheden hebben, hebben daardoor ook weer vaak minder sociale contacten, waardoor de kans dat ze er mee kunnen oefenen en zich er verder een beetje in kunnen bekwamen ook afneemt.

Emotioneel gecentreerde kinderen lijken hier als winnaars uit de bus te komen. Maar niet ieder kind is gelukkiger door ‘erbij te horen’. Sommige kinderen kijken graag vanaf de zijlijn (mentale centrering), daar leren ze wat henzelf betreft voldoende van. Niks mis mee. Sommigen houden het graag bij een of twee goede vrienden om samen iets te ‘doen’ en hebben er veel moeite mee wanneer die uit het zicht verdwijnen door bijvoorbeeld een verhuizing (fysieke centrering). Wanneer de tijd rijp is zal een kind dat van nature meer z’n best moet doen voor het maken van contact, dat voorzichtig gaan uitproberen. Simpelweg omdat het nu eenmaal handig is wanneer je ouder wordt dat je begrijpt wat jouzelf en anderen beweegt en hoe je daarmee om moet gaan. Wat wel helpt is dat je als ouder onbevooroordeeld kunt kijken naar wat jouw kind wel of niet prettig vindt als het om contact maken en onderhouden gaat. Kijk ook eens naar wat jij zelf ‘normaal’ vindt, oftewel: wat zijn jouw overtuigingen over vrienden hebben?

Tips voor ouders: zelfbewustzijn als sleutel
Hoe beter een kind zichzelf gaat begrijpen en zijn behoeftes leert kennen, hoe meer een kind in eerste instantie zijn of haar eigen vriend kan zijn. Hierdoor zal vrienden maken (nog) gemakkelijker worden. Wat vind het kind (on)prettig in een vriendschap? Praat over emoties en zoek samen uit welke gevoelens daarbij horen. Vergeet natuurlijk niet om te vragen of jouw interpretaties kloppen. Op deze manier haal je het bewustzijn van je kind naar boven. Breng ook je eigen overtuigingen in beeld. Wat is van jou en wat is van je kind? Wat zijn uitdagende situaties? Waar kan je kind hulp bij gebruiken?
Oefen ook eens met een luchtig rollenspel. Laat je kind de situatie schetsen die je hij of zij lastig vindt. Je kind ervaart dan wat er gebeurt en jij kunt het zien. Kijk ook eens naar de houding van het kind. Is die ontspannen? Voeten stevig op de grond? Een stevige houding maakt je kind sterker. Ademhaling naar de buik? Rust in je buik geeft rust in je hoofd. Vanuit rust kan een kind reageren in het hier en nu. Oefen eens met zinnen als: ‘geef me even tijd’ of ‘ik denk er even over na’ als snel reageren niet lukt.

Handig om je bewust te zijn van een andere kijk op vriendschap. Volg – al naar gelang wat past bij jou – je hoofd, hart en/of handen, dan blijf je ook je eigen vriend.

Het derde principe: ’n kwestie van oefenen

Door Mara Lammertzen

Ik heb –gezien vanuit de Human Dynamics-theorie– de emotionele centrering. Dat houdt o.a. in dat de manier waarop ik informatie verwerk ‘associatief relationeel’ is. Ik herken me in de emotioneel-fysieke persoonlijkheidsdynamiek, om precies te zijn. Als het gaat om mijn denk- en handelingsprocessen kun je het van de hak op de tak noemen, of ongestructureerd. Dat klopt. Ik noem het multifocused en verbindend. Ik kan meerdere gesprekken volgen of dingen doen en ook nog geïnteresseerd met mijn eigen gesprekspartner de diepte in gaan. En dan is het ook nog eens zo dat er altijd eerst een split second is waarin er een linkje wordt gelegd met ‘hoe staat dit (deze opmerking, dit object, deze kennis, etc.) in relatie tot mijzelf en wie ik ben, wat ik wil, wat ik weet, belangrijk vind en wat hoort daar nog meer bij?’ Zoals deze blogpost. Ik kan dit verhaal het beste vertellen door vanuit mezelf te redeneren. Dat gaat automatisch, hoef ik niks voor te doen. Je begrijpt: dat kan wel eens voor wat dwaling zorgen. Want ik heb van nature geen logische denklijn, ik ga verder met wat er zich voordoet. En soms komt er iets af. Vaak ook niet. Zucht. Ik ben flexibel, zullen we maar zeggen.

A way of life
Afleiding (ofwel multifocused zijn) is voor mij dus a way of life. Vroeger op school keek ik tijdens de uitleg al graag naar wat er op straat gebeurde. Maar de leerkracht moest wel toegeven dat ik ondanks dat schijnbare gebrek aan concentratie toch best goede cijfers haalde. Ik hoorde dus wel wat hij zei, en sloeg het nog op ook. Ik vond het heel normaal.
Meestal gaat dat goed. Werkt prima. Maar soms, als ik druk ben en mijn innerlijke to do-lijstje uit z’n voegen barst, voel ik me zo’n draaiende bordjesdame in het Chinese circus die op het punt staat de hele bende te laten vallen. En natuurlijk, terwijl ik dit schrijf ben ik al op zoek naar een mooi plaatje voor bij dit blog. Maar die moet natuurlijk wel een bepaalde minimum afmeting hebben, én esthetisch geweldig uiteraard, dus dat duurde weer even 10 minuten. Ben ik weer. Ik heb er wel weer een mooi mapje ‘blogfoto’s’ bij. Handig joh. Zucht. Waar is mijn focus? Heb ik überhaupt wel structuur? Soms voel ik me echt een kip zonder kop.

Even afgeleid
Waar had ik het over? O ja, zoals vanmorgen dus. Dat ik onder de douche sta en denk: even snel de badkamer poetsen straks. Oeps, die doucheslang is nu al dagen (weken?) aan vervanging toe. Even op internet speuren. Er moet nog een heleboel. Wat was het ook alweer? Peins, peins… dit, dat. Ik MOET nu echt fysiek een lijstje gaan maken, want anders blijf ik rondjes draaien in mijn hoofd. Dat ik dan met nog nat haar ga zitten om een fantastisch handige checklistwebsite te openen die uiteraard ook op mijn telefoon in app-vorm te vinden is (Wunderlist heet ‘t, tip van mijn gestructureerde lief). Waar onze gedeelde boodschappenlijst ook op staat, wat super werkt, maar dat terzijde. Een uur (of twee?) later realiseer ik me dat de badkamer, die ik onder handen wilde gaan nemen, nog steeds een puinhoop is, en ik ondertussen fijn een artikel over ‘handige opvoedhacks’ aan het lezen ben op internet. Dat zet ik meteen maar even op mijn Pinterest-bord ‘Opvoeden’ anders ben ik het straks weer kwijt. Hoe kwam ik hier? Ah, via Facebook, waar ik zestien keer klikken daarvoor begonnen was omdat er een berichtje binnenvloog. Wat staan er eigenlijk veel mooie artikelen inmiddels op mijn ‘Opvoeden’-verzameling. Even lezen, deze. Ik kom daar ook nooit aan toe. Oh, dat internet… ga ik ook nog ‘s een keer een stukje over schrijven. En dat lijstje, dat moet ook nog. En die badkamer. Ik ga NU de dweil pakken in het washok. Jongens, wat een volle wasmand. Even snel de witte was erin. Wasmiddel bijna op. Oh, en de kattenbak mag ook wel weer eens. Prio 1. En dan werk ik dus ook nog. En heb ik slaaptekort. Stop! Genoeg voorbeelden. Zucht.

In het snotje
Hoe werkt dat eigenlijk? Want ik kan ook zeer georganiseerd zijn, echt waar. Als ik een training geef ben ik ook helemaal op de rit. Want als ik me even doelgericht (daar ga je al) concentreer dan heb ik alles pico bello in het snotje. Dan navigeer ik met ultieme focus door het huis met een mentaal plaatje van wapperend haar –> gevulde boodschappenkar –> een lekker uitgeraasd kind –> lekker koken + glaasje wijn. Even tempo. Jas, tas, telefoon (want daarop staat mijn zeer efficiënte afvink-boodschappenlijst). Kind mee (schoenen, sokken, plas, jas) met een zwier in het fietsstoeltje, hup naar de supermarkt via de schoenmaker en het postkantoor. En op de terugweg met volle fietstassen even langs de speeltuin of door het bos. Want er moet ook buiten gespeeld worden. Ik heb dat nodig 😉 Ha!

De ‘3e principe’-knop aanzetten
Hoe het wel lukt? Door bewust mijn ‘3e principe’-knop aan te zetten. In mijn geval (de emotioneel-fysieke dynamiek) de mentale knop. Even langer dan 20 seconden dezelfde denklijn volgen zodat ik ook een ‘einde’ kan visualiseren. Wat is belangrijk? Afstand nemen. Overzicht maken. Kiezen. Categoriseren. Ordening aanbrengen en vasthouden. Relativeren. Wat is mijn pakkie-an, wat hoort ergens anders? Allemaal aspecten van het mentale principe. Dat gaat na jaren oefenen gelukkig een stuk makkelijker, maar omdat het niet mijn natuurlijke aanvliegroute is zal het me altijd moeite blijven kosten. Ik kan echt met ontzag kijken naar mensen die in no time de hoofdlijnen te pakken hebben. En vasthouden. Chapeau.

Van ontwikkelpunt naar balans vinden
En dat oefenen geldt eigenlijk voor iedereen. Welke dynamiek je ook hebt. Hoe vermoeider/gestresster je bent, hoe lastiger het is om de ‘aan’-knop van je derde principe te vinden. Maar als je weet dat wat je te leren hebt een logisch gevolg is van je persoonlijkheidsdynamiek, dan geeft dat ook rust en begrip voor jezelf. En inzicht in je ontwikkelrichting. Want datgene waar je met regelmaat (nog) moeite mee hebt is vaak onderdeel van je derde principe. Zo zal een ander jóuw specifieke kwaliteiten -al dan niet in stilte- bewonderen. En juist onze kwaliteiten doen we af als ‘heel gewoon toch?’ Of we ervaren er vooral de valkuilen van. Ik geef het grif toe. Zucht. En over die vaardigheden die je maar niet onder de knie lijkt te krijgen: geen paniek! Dat wat die ander toch zo vreselijk goed en makkelijk afgaat, en wat hij of zij ook nog ’s heel gewoon vindt, zit misschien wel in zijn of haar aangeboren kwaliteitenpakket. Het kán ook aangeleerd zijn, maar: dikke kans. Wat een opluchting. Je kunt ophouden met jezelf je ‘ontwikkelpunten’ te verwijten en in termen van ‘balans vinden’ gaan denken. En blijf er vooral (rustig maar bewust) aan werken, want je natuurlijke kwaliteiten komen nog beter uit de verf als je ook toegang hebt tot je derde principe.

Dia2

‘Weekendtip: offline is the new luxury’

Door Helga van der Hart

‘Weekendtip: Offline is the new luxury.
En zo is het! Leg jij je telefoon wel eens een dagje weg?’

Deze tweet las ik onlangs. Het heeft voor mij te maken met een belangrijk woord in deze en komende tijd: balans. De telefoons en tablets zijn in onze wereld niet meer weg te denken. Gelukkig ook maar, als je bedenkt hoe ‘afhankelijk’ we hiervan zijn geworden door de vele mogelijkheden die het biedt.

Burn-out
De keerzijde van deze mooie tijd is dat er een groeiende groep twintigers en dertigers al vroeg in hun leven te maken heeft met een burn-out. De hele dag online (stel dat je iets mist), sportclub, vrijwilligerswerk (dat bij voorkeur iets oplevert), netwerken, vrienden, familie en oh ja, ik heb ook nog een baan en wil carrière maken. Al herkenbaar? Voor mij was dit een aantal jaren geleden helaas heel herkenbaar…

Het gevolg hiervan is dat we steeds verder afraken van onszelf, van onze eigen energie, kracht en ontwikkelpotentieel. We zijn heel druk, maar helaas niet altijd met de juiste dingen. Hoe vaak sta jij stil bij de volgende woorden: wat wil ik, wie ben ik, wat kan ik, hoe voel ik me en hoe ontwikkel ik mijzelf? Ik schat in, niet al te vaak… Met een grote kans dat onze energievoorraad en zelfs de reservevoorraad uitgeput raakt, met als gevolg een burn-out. Je begrijpt: een grote uitdaging voor deze groep om zowel zakelijk als privé in balans te zijn.

Je kunt denken, dat is goed nieuws voor het groot aantal coaches dat ons land rijk is ;-). Maar hoe kunnen we dit veranderen en voorkomen en nog belangrijker, wat kan jij hieraan doen?

Jijzelf en een stappenplan
Probeer te achterhalen waar jouw eigen kracht en talenten zitten. Wat geeft jou energie, waar word jij gelukkig van, wat vind jij belangrijk? Verkort stappenplan:

  1. Maak een balans van je energiegevers en energievreters.
  2. Benoem 3 kwaliteiten die je van nature hebt.
  3. Benoem 3 ontwikkelpunten voor jezelf.
  4. Benoem 2 concrete stappen die je gaat ondernemen om meer in balans te zijn.

Voor sommige mensen is een dergelijk stappenplan iets dat ze met gemak zelf kunnen bedenken in stilte (mentale centrering), anderen praten/brainstormen er graag over met derden voor een concreet beeld (emotionele centrering) en weer een andere groep heeft de tijd nodig om hierover na te denken en gegevens te verzamelen (fysieke centrering). Dit soort procesverschillen zien we uiteraard ook dagelijks terug in het (werkende) leven. Wat jouw proces ook is, zorg ervoor dat het jouw proces is, er is geen goed of fout.

Balansvoorbeeld
Ik herken mezelf in de emotioneel–fysieke dynamiek. Mijn kracht zit in het luisteren naar mijn gevoel, mijn organisatiekracht, het omgaan met mensen en zaken praktisch maken. Ten tijde van een drukke baan en drukke privé situatie ging ik volledig voorbij aan mijn eigen kracht. Ik luisterde niet naar mijn emotionele kwaliteiten (het voelen). Ik ging op zoek naar houvast en ‘sloeg door’ in mijn fysieke kwaliteit (het praktisch maken van zaken). Laat staan dat ik nog oog had voor mijn mentale ontwikkeling (afstand nemen van zaken, focus aanbrengen). Ik gun dan ook een ieder dat je je bewust bent van je natuurlijke kracht/kwaliteiten en je ontwikkelpotentieel. Want  voor mij geldt:

Kracht + Ontwikkeling = Balans


Mogelijke balansbrengers
Graag deel ik 3 groepen balansbrengers met jullie, doe er je voordeel mee.

Balansbrengers mentale ontwikkeling:

  • Afstand nemen van zaken/begrenzen
  • Overzicht op hoofdlijnen aanbrengen
  • Werken vanuit visie

Balansbrengers emotionele ontwikkeling:

  • Aandacht hebben voor de mens
  • Leven in het hier en nu
  • Naar buiten brengen wat je denkt en voelt

Balansbrengers fysieke ontwikkeling:

  • Luisteren naar signalen van je lichaam
  • Zaken afmaken
  • Tijd nemen voor reflectie

Tot slot
Ik ben benieuwd naar je ervaringen met dit verkorte stappenplan en jouw balansbrengers. Wil je alvast leuke, korte offline tips? Kijk eens naar de tips op www.ik benoffline.nl. Succes en een fijn luxury offline weekend!

Het etiket vertelt je (niet) wat erin zit – deel 1

Door Mara Lammertzen

Ontwikkelingsstoornissen in het autistisch spectrum, disruptieve gedrags- of stemmingsstoornis, moeilijk lerend, dyslectisch…. Het schijnbare gemak waarmee massa’s kinderen maar ook volwassenen soms voorzien worden van een DSM-etiket wanneer zij anders functioneren dan ‘de norm’… ik vind er wat van. Vooropgesteld: ik ben geen pedagoog of neuroloog en ik begeef me misschien op glad ijs. Dat zou zomaar kunnen. En ja, voor sommige kinderen en hun ouders is het een zegen dat er eindelijk een diagnose is. Maar ik ben ervan overtuigd geraakt dat veel kinderen onnodig een stigmatiserend etiket krijgen omdat bepaalde drijfveren vanuit hun persoonlijkheidsdynamiek onbegrip ‘triggeren’ bij hun ouders en/of op school.

Op de camping heb ik weer met verbazing geluisterd naar de zorgen van de overbuurvrouw over haar zevenjarige dochter. Dit kwam aan het eind van de drie weken waarin zij dagelijks bij onze kampeerplaats te vinden was samen met haar kleine zusje. Yael (niet haar echte naam) zou binnenkort getest moeten worden op adhd. Dit op advies van haar leerkracht en de school. Want: ze kon zich niet concentreren, ze was vaak druk, ze verstoorde de les en ze kon niet stilzitten. Ook dagdroomde ze teveel en al met al waren haar resultaten niet goed. Toch was dat wel raar, vond mijn overbuurvrouw, want ze kon toch zonder problemen een film van 1,5 uur kijken…. tja. Maar ja, de juf zal het wel weten.

Wanneer iemand vooral benoemt wat een ander niet doet of niet kan is mijn eerste gedachte vaak: ‘dat zegt in eerste instantie iets over jouw eigen behoefte’.

Ik viel dus zowat van mijn picknickbank, want ik had Yael leren kennen als een sociale, bruisende meid die – nadat ze even een dagje had afgetast of ze welkom was – lekker aan tafel kwam zitten en honderduit vertelde over wat haar bezig hield. Met engelengeduld probeerde ze de plot van haar lievelingsfilm ‘Frozen’ uit te leggen aan mijn tweeënhalfjarige peuter, die in haar een tweede ‘moedertje’ en knutselgoeroe had gevonden. Adhd? Yeah right.

Mijn geheel subjectieve vermoeden – na wat doorvragen over de verwachtingen vanuit de leerkracht – is dat de juf van Yael zelf geen emotionele centrering heeft en het lastig vindt om met aspecten van het emotionele principe om te gaan. Wat ontzettend jammer is, omdat juist een leerkracht die met name door de eigen ‘bril’ kijkt als het gaat om het scheppen van de beste leervoorwaarden, voorbij gaat aan de behoeften en drijfveren van kinderen in de klas met een andere persoonlijkheidsdynamiek. Erger nog, wanneer onbegrip voor andere manieren van leren en uitingen daarvan gezien worden als onwenselijk gedrag of zelfs de voorbode van een psychologische stoornis…. het pygmalion-effect doet de rest: van dat wat je verwacht te zien, zul je steeds meer zien. Niet in het voordeel van het kind, in dit geval.

Wat kinderen met een emotionele centrering heel hard nodig hebben tussen concentratie-momenten door is ruimte om even te kunnen bewegen, contact te maken, te kletsen en hun ervaringen – al dan niet gerelateerd aan het onderwerp – uit te wisselen. Dan zijn ze er weer bij en kan er weer verder geluisterd worden. Daarnaast is het heel fijn als een docent laat merken dat hij of zij in hen als persoon geïnteresseerd is, die vraagt naar wat hen bezighoudt. Zonder die voorwaarden wordt het leren voor deze kinderen heel moeilijk en zal de intrinsieke motivatie langzaam maar zeker plaats maken voor het wegcijferen van behoeften en proberen te voldoen aan de verwachtingen (emotioneel-fysiek) of juist volledig uit de band springen (emotioneel-mentaal).

Zo heb ik stiekem ook mijn vermoedens over misschien voorbarige etiketten voor kinderen met andere persoonlijkheidsdynamieken. Meer daarover in deel 2. Of over mensen die ongeschikt zouden zijn als leidinggevende omdat ze niet de gebruikelijke ambitie, de visie, het lef, de teamspirit of mensgerichtheid laten zien. Maar dat laatste is weer een heel ander blog.

Wat ik eigenlijk zeggen wil: het zou zo waardevol zijn wanneer we ons eigen perspectief op wat ‘normaal en gezond’ is – ook als anderen je waarnemingen herkennen – steeds opnieuw blijven toetsen aan wat we zelf gewoon hartstikke lastig vinden om mee om te gaan.

Meepraten over dit thema? Laat ons weten wat jij ervan vindt!

Inpakken en wegwezen

Door Mara Lammertzen

Vakantie! Dé tijd om verschillen tussen jou en je partner weer eens ‘lekker’ tegen te komen. En er dan vooral gebruik van te maken…

Wat is er nou mooier dan tussen de loslopende kippen wakker te worden en met je voeten in het gras te ontbijten? Om vervolgens je hangmatje in te duiken met een heerlijk boek, of al kletsend met de buren de camping over te lopen. Naar dat gezellige marktje te gaan in de zinderende hitte, of kijk! Wat een leuk terrasje, lekker mensen kijken. Tenminste, als je het mij met mijn emotioneel-fysieke persoonlijkheidsdynamiek vraagt. Mijn lief, met zijn praktische fysiek-mentale gesteldheid, denkt daar héél anders over. Die hoeft eindelijk eens niets, want het nooit eindigende to-do-lijstje ligt lekker thuis. Het ‘sociale gedoe’ mag met name overdag aan zijn neus voorbij gaan, want hij is liever bezig met het op orde maken en verbeteren van het ‘kampement’, zoals dat bij ons heet. Of met hout kappen voor het kampvuur straks. In het buitenland hebben ze ook doe-het-zelf-winkels, uiteraard. En anders wordt er wel een outdoorklusje gevonden op de ecocamping. Sinds onze dochter de helft van de achterbank inneemt onderweg is er dan ook een aanhangwagen en een dakzak aangeschaft zodat alle spullen die hij misschien nog wel eens nodig zou kunnen hebben zich ‘aan boord’ bevinden. De auto wordt tot op de laatste centimeter efficiënt ingepakt met doorzichtige kratten en drybags, zodat in geval van ernstige regenval alles tenminste vindbaar en droog blijft. De paspoorten, geld, vignetten, verzekeringsdocumenten in Google Docs, pech-set en neonjasjes: dat heeft hij alweer geregeld (na het lezen van dit blog: ‘je vergeet de gereedschapskist en de noodhamer te noemen’: I rest my case). Twee kratten met keukenspullen gaan de middag voor vertrek langs mij om te worden aangevuld met theedoeken, afwasmiddel, olijfolie, kruiden, tafellaken, kaarsjes en gezellige wijnglaasjes. Kleding en linnengoed zet ik klaar, zonnebrand, speelgoed, en de onderweg-voer-tas is ook mijn klus. Hij is van de veiligheid en de (ietwat uitgebreide, okee) spullenboel, ik van de in- en uitwendige mens. Het is maar waar je focus ligt. Het werkt samen in ieder geval als ’n trein die altijd ’n high five krijgt als we de hoek omrijden. Waarna ik vervolgens ineens denk aan mijn zonnebril of sleutels voor de buren met bedankbriefje of telefoon die nog op het aanrecht liggen. Hij is van het inpakken, ik van het wegwezen. ‘Maar’, zegt hij, ‘ik geniet nóg meer van het weg zijn’.

Foto boven: Inderdaad, in de waterdichte bak achter de trekhaak zit de (uiteraard op zowel 220 volt, 12 volt als gas werkende) koelkast… 😉

Meer bereiken bij je klant: een stappenplan

Door Helga van der Hart

In minder tijd meer verkopen met oprechte aandacht voor je klant? Yes, you can!

Hoe komt het dat contact leggen en verkopen bij de ene klant zo makkelijk gaat en dat het bij de andere klant zoeken is naar een goed contact en goede verkoop? Dit heeft alles te maken met de verschillende communicatiebehoeften die er zijn tussen jou en de ander. Dit is vast geen nieuws voor je, maar hoe verander je dit?

Met de volgende stappen kom je al een heel eind.

  • Sluit in je gesprek aan op de behoeften van de klant en zet je eigen behoeften aan de kant:
  • Bedenk dat er meer wegen naar Rome leiden
  • Kijk met oprechte aandacht en nieuwsgierigheid naar je klant en vraag je af:

A.  Praat mijn klant graag vanuit ‘het’, komt hij/zij wat afstandelijk over en denkt hij/zij logisch, lineair en conceptueel?
B.  Praat mijn klant graag vanuit ‘ik”, is hij/zij een gevoelsmens en denkt hij/zij bij voorkeur associatief en pratend?
C.  Praat mijn klant graag vanuit ‘wij”, komt hij/zij wat afwachtend over en denkt hij/zij in systemen en verbanden?

Indien A: Bereid je gesprek voor, verstrek informatie vooraf, denk na over de lange termijn en structuur, communiceer beknopt en helder en geef je klant voldoende denktijd tijdens het gesprek.

Indien B: Maak contact door een persoonlijk verhaal, zorg voor een goede sfeer, geef een mondelinge toelichting, geef de klant de ruimte om zijn gedachten hardop te ordenen en maak het concreet.

Indien C: Verstrek informatie vooraf, vertel vooraf wat het doel van het gesprek is, geef voldoende feiten en context en gebruik praktijkervaringen en voorbeelden.

Succes! Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen.